De bevolking van Nederland groeit minder snel, en dat is ook voor Zuid-Holland van belang. De provincie telt volgens CBS-gegevens op 1 januari 2026 ruim 3,88 miljoen inwoners. Daarmee blijft Zuid-Holland de grootste provincie van het land, maar de landelijke bevolkingsgroei neemt wel duidelijk af.
Volgens het Centraal Bureau voor de Statistiek groeide de Nederlandse bevolking in het eerste halfjaar van 2026 met ruim 23.000 inwoners. In dezelfde periode een jaar eerder kwamen er nog bijna 37.000 inwoners bij. De groei is daarmee lager dan in de jaren na 2021. Nederland telde eind juni 2026 ongeveer 18,15 miljoen inwoners.
De groei komt niet doordat er meer kinderen worden geboren dan er mensen overlijden. Net als in eerdere jaren was de natuurlijke aanwas negatief. In het eerste halfjaar van 2026 werden landelijk 82.100 kinderen geboren en overleden 90.200 mensen. Daardoor nam de bevolking door geboorte en sterfte met ongeveer 8.100 mensen af. De totale groei kwam volledig door migratie.
Voor Zuid-Holland is die ontwikkeling belangrijk, omdat de provincie al sterk verstedelijkt is. De druk op woningen, voorzieningen, zorg, onderwijs, verkeer en ruimte is groot. Als de bevolking minder snel groeit, betekent dat niet automatisch dat die druk verdwijnt. De provincie blijft te maken houden met huishoudensgroei, vergrijzing, binnenlandse verhuizingen en internationale migratie.
Het CBS meldt dat er in het eerste halfjaar van 2026 landelijk 126.000 immigranten naar Nederland kwamen. Tegelijk vertrokken 94.700 mensen naar het buitenland. Per saldo kwamen er daardoor 31.300 inwoners bij door buitenlandse migratie. Dat saldo is bijna 14.000 lager dan in dezelfde periode in 2025.
De afname komt vooral doordat minder asielmigranten bij Nederlandse gemeenten werden ingeschreven. Vooral het aantal mensen uit Syrië daalde. In het eerste halfjaar van 2026 schreven zich 10.000 Syriërs in bij een Nederlandse gemeente, tegenover 16.000 een jaar eerder. Ook uit landen als Irak, Iran, Somalië en Jemen kwamen per saldo minder mensen bij.
In Zuid-Holland werkt een lagere landelijke groei door in discussies over woningbouw en voorzieningen. De provincie moet plannen maken voor een bevolking die nog steeds groeit, maar minder hard dan in de piekjaren. Daarbij blijft vooral de vraag waar nieuwe woningen, zorgvoorzieningen, scholen en infrastructuur nodig zijn.
