31 oktober 2026

Teler veroordeeld voor lozing van verboden middel dichloorvos

De economische politierechter heeft een teler uit het Westland veroordeeld voor een lozing van het verboden gewasbeschermingsmiddel dichloorvos in het oppervlaktewater. De verdachte krijgt een geldboete van 50.000 euro, een werkstraf van 60 uur en een ontnemingsmaatregel van afgerond 16.000 euro.

In december 2023 stelde het Hoogheemraadschap van Delfland een ernstige overschrijding van de norm voor dichloorvos vast. De gemeten concentratie lag ongeveer 6.000 keer hoger dan toegestaan. Dichloorvos is een verboden middel dat schadelijk is voor het leven in het water.

Na de constatering onderzochten het Hoogheemraadschap van Delfland en de Nederlandse Voedsel- en Warenautoriteit (NVWA) samen waar de verontreiniging vandaan kwam. Daarbij werd de veroorzaker van de lozing opgespoord. Het bedrijf heeft erkend het verboden middel te hebben gebruikt. Ook is vastgesteld langs welke route het middel vanuit de kas in het oppervlaktewater terechtkwam; die route is inmiddels afgesloten.

Op basis van het onderzoek maakten de NVWA en Delfland proces-verbaal op en droegen dat over aan het Openbaar Ministerie. Dat leidde tot strafrechtelijke vervolging en de uitspraak van de rechter.

De rechter onderstreept met de uitspraak het belang van het naleven van de regels voor waterkwaliteit. Lozingen van verboden middelen kunnen planten en dieren in het water ernstig beschadigen en vormen een risico voor een gezond watersysteem. Door ook het wederrechtelijk verkregen voordeel af te nemen, maakt de rechter duidelijk dat het opzettelijk lozen van een giftig en verboden middel niet loont.

Bij herhaalde metingen in het gebied zijn geen nieuwe normoverschrijdingen van het middel vastgesteld. De teler is inmiddels overgestapt op groene teelt.

Hoogheemraad Stijn van Boxmeer stelt dat schadelijke middelen niet in het oppervlaktewater thuishoren, zeker niet wanneer ze verboden zijn. Hij noemt het goed dat de teler is overgestapt naar een milieuvriendelijke teelt, maar benadrukt dat dit middel nooit gebruikt had mogen worden.

Volgens Van Boxmeer moet de kwaliteit van het oppervlaktewater in en rond de glastuinbouw beter. Vervuiling zorgt voor een verschraling van de onderwaternatuur en een achteruitgang van de leefomgeving. Tuinders zijn verantwoordelijk voor de waterkwaliteit rond hun bedrijf. Residuen van gebruikte middelen kunnen via lekken in de kas in het oppervlaktewater terechtkomen. De meeste tuinders gebruiken geen verboden middelen, maar ook toegestane middelen horen niet in het water thuis. Iedere tuinder zou de kas moeten controleren op mogelijke lekken, voor de natuur, de toekomst en de buren. Tuinders die middelen of andere schadelijke stoffen lekken, zetten daarmee ook de tuinders om hen heen in een slecht daglicht.

Het Hoogheemraadschap van Delfland controleert met reguliere meetrondes de waterkwaliteit en werkt met Meten op Slootniveau om tuinders bewust te maken van mogelijke lekken. Daarnaast werkt het samen met coöperaties en Glastuinbouw Nederland om de waterkwaliteit te verbeteren.

Van Boxmeer noemt het positief dat grote organisaties zoals de Federatie Vruchtgroenten Organisatie (FVO) zelf initiatieven ontwikkelen en samenwerken. Hij wijst erop dat de hele keten een rol speelt bij gezonde waterkwaliteit: producenten, tussenhandel en financiers. Voor telers geldt dat een kas die niet lekt, geen middel in het water kan laten komen. Aan producenten die gewasbeschermingsmiddelen verkopen, stelt hij de vraag alleen te leveren aan telers met een lekvrije kas en zeker geen verboden middelen als dichloorvos te verkopen.

De teler kan tegen de uitspraak in hoger beroep gaan.

WP Twitter Auto Publish Powered By : XYZScripts.com