15 juni 2026

Westlandse tuinders vrezen problemen door afschaffing huisvestingsregeling arbeidsmigranten

Westlandse tuinbouwbedrijven maken zich grote zorgen over de aangekondigde afschaffing van de regeling voor het inhouden van huisvestingskosten op het minimumloon van arbeidsmigranten. Het Ministerie van Sociale Zaken en Werkgelegenheid heeft in een Kamerbrief aangekondigd deze regeling vanaf 2026 stapsgewijs af te bouwen, tot een volledig verbod in 2030.

Onder de huidige regeling kunnen werkgevers onder strikte voorwaarden huisvestingskosten inhouden op het minimumloon van arbeidsmigranten. Deze werknemers moeten hier toestemming voor geven en de huisvesting moet gecertificeerd zijn. Het maximale inhoudingspercentage wordt vanaf 2026 jaarlijks met 5 procentpunt verlaagd, tot het in 2030 op nul uitkomt.

LTO, de belangenorganisatie voor de land- en tuinbouw, waarschuwt voor de gevolgen. Eric Douma, portefeuillehouder Mens, Ondernemerschap & Onderwijs bij LTO, benadrukt dat de huidige regeling juist voor transparantie zorgt. “Met het afschaffen van deze regeling verdwijnt deze transparantie en zonder alternatieven zijn arbeidsmigranten slechter af,” stelt hij.

De land- en tuinbouwsector heeft in cao’s al afgesproken het maximale inhoudingspercentage te beperken tot 20 procent, waar 25 procent wettelijk is toegestaan. LTO betwist daarom het beeld dat huisvesting van arbeidsmigranten een verdienmodel zou zijn.

Het ministerie erkent dat er met het wegvallen van de regeling risico’s ontstaan voor de beschikbaarheid en kwaliteit van woonruimte. Ook kunnen er onwenselijke alternatieve vormen van huurbetaling ontstaan. LTO vreest dat arbeidsmigranten in de nieuwe situatie minder bescherming hebben tegen te hoge huren of malafide verhuurders.

WP Twitter Auto Publish Powered By : XYZScripts.com