Het kabinet heeft besloten het noodfonds energie voor huishoudens met een laag inkomen en hoge energiekosten te verlengen tot en met 2026. Dit is goed nieuws voor tienduizenden huishoudens, waaronder veel ouderen, die financieel worstelen met stijgende energierekeningen. Ouderenorganisatie ANBO-PCOB had zich hard gemaakt voor behoud van het fonds en is tevreden dat het eerdere besluit om de regeling stop te zetten, is teruggedraaid.
Het noodfonds, dat de afgelopen jaren zo’n 110.000 huishoudens ondersteunde, biedt financiële hulp aan mensen die een groot deel van hun inkomen aan energie kwijt zijn. Veel ouderen met een klein pensioen vallen in deze groep en hebben moeite om de rekeningen te betalen. De verlenging van de regeling betekent dat zij ook de komende twee jaar extra steun kunnen krijgen. Minister Sophie Hermans (Klimaat en Groene Groei) en staatssecretaris Jurgen Nobel (Participatie en Integratie) stellen jaarlijks 60 miljoen euro beschikbaar, terwijl de energiesector dit jaar minstens 10 miljoen bijdraagt.
Hoewel nog niet alle details bekend zijn, heeft staatssecretaris Nobel aangegeven dat hij het noodfonds zoveel mogelijk wil voortzetten in de vorm zoals die eerder bestond. Dat betekent dat huishoudens met een inkomen tot 200 procent van het sociaal minimum steun kunnen krijgen als zij meer dan 10 procent van hun inkomen aan energie kwijt zijn. Voor mensen met een inkomen tot 130 procent van het sociaal minimum ligt die drempel op 8 procent.
De exacte voorwaarden en de manier waarop mensen zich kunnen aanmelden, worden later bekendgemaakt. Voor ouderen met een smalle beurs betekent dit besluit in ieder geval dat zij minder onzekerheid hebben over hun energiekosten. ANBO-PCOB blijft het proces volgen en roept de overheid op om de regeling toegankelijk en eenvoudig te houden, zodat zoveel mogelijk mensen die het nodig hebben, ervan kunnen profiteren.
